VOLDOET AAN DE EINDTERM

Grondhouding

A: Attitude.

B: Bedrijfsvoering.

C: Communicatie

 

Fase 02 Projectdefinitie

Module B4 – PROCESMANAGEMENT (VAN EEN PROJECT)

LEERDOEL

Inzicht verwerven in, bewust zijn van en kunnen reflecteren op:

  • de achtergrond en doelstelling van een projectorganisatie
  • projectaanpak versus procesaanpak
  • het strategisch/politiek spel binnen een project en de keuzes die voor ontwerpers daaruit voortkomen
  • de samenstelling van een Plan van Aanpak (PvA)

 

 

INHOUD

Het is van groot belang voor het functioneren van ontwerpers dat zij begrijpen hoe ontwerpende organisaties werken, wat hun positie is en waar kansen en beperkingen liggen. Ontwerpers krijgen, binnen en/of buiten het bureau, te maken met bureau-, project- en procesmanagement. In alle gevallen handelt het over communicatie met partijen, over planningen, begrotingen, resultaten, over belangen en besluitvorming. De kandidaten moeten ook in dergelijke trajecten kunnen functioneren. Daarvoor is inzicht nodig hoe een project of proces wordt georganiseerd, hoe het wordt geleid, en wat de rollen en verantwoordelijkheden zijn. In dit programma verdiepen we ons in een project waarin vrijwel alle aspecten van het managen van ruimtelijke projecten en processen samenkomen.

Als een ruimtelijk traject complex is, lang duurt en grote maatschappelijke belangen kent, ontstaat de behoefte aan een verdergaande vorm van organisatie. Dat leidt tot kaderstellende afspraken die in een werkproces worden ondergebracht. We spreken in dit verband liever van een Plan van Aanpak (PvA) dan van een proces, omdat een PvA veel ruimer kan worden geïnterpreteerd dan het werkproces (lees: planning) zelf. Het PvA wordt begeleid en aangestuurd door een manager. Afhankelijk van het aantal belangen en de verschillende factoren die van invloed zijn op het resultaat, spreken we van project- of procesaanpak, resp project- of procesmanager.